Pensioentekort

Wat is pensioentekort of pensioengat?

Geschat wordt dat 80% van alle werknemers een pensioentekort hebben. Wat is nu pensioentekort?

Gebruikelijk is dat pensioentekort gerelateerd wordt aan 70% van het laatste salaris. M.a.w. als uw pensioen inclusief AOW minder is dan 70% van uw laatste salaris heeft u een pensioengat.

Voorbeeld
Stel, u bent getrouwd en uw laatste salaris is EUR 42.800 Op basis van uw arbeidsverleden en toekomstige opbouwjaren verwacht u op uw 65ste een ouderdomspensioen van EUR 10.000.

Voorbeeld pensioentekort met individuele AOW
Pensioen Bruto in EUR
Ouderdomspensioen 10.000
AOW-individueel 7.948
Totaal 17.948
70% x laatste salaris 29.400
Pensioentekort 11.452


Voorbeeld pensioengat met AOW-gehuwden
Pensioen Bruto in EUR
Ouderdomspensioen 10.000
Maximale AOW-gehuwden 15.896
Totaal 25.896
70% x laatste salaris 29.400
Pensioentekort 3.504


Een andere methode van berekening is uw pensioenopbouw relateren aan 40 opbouwjaren. Bijvoorbeeld, uw jaarlijkse pensioenaangroei is EUR 300,-. Dan is uw maximale ouderdomspensioen 40 x 300 = 12.000. Heeft u minder dan 40 jaren deelgenomen dan heeft u een pensioentekort.

Bedenk wel dat ouderdomspensioen een levenslange uitkering is. Het pensioengat kan dus een fors bedrag zijn.


Bovenstaande voorbeelden zijn simpele voorbeelden. In werkelijkheid is het bepalen van de te verwachten ouderdomspensioen een vrij ingewikkelde berekening. Verstandig is om vroegtijdig een pensioenadviseur raad te plegen. Regelmatig uw huidige en toekomstige pensioenrechten doorlichten is aan te bevelen.

Pensioentekort en fiscus:
De fisus gaat ervan uit dat u pensioentekort hebt als u de zogeheten jaarruimte en/of inhaalruimte kunt benutten. Met deze 'ruimtes' kunt u fiscaal vriendelijk sparen met een lijfrenteverzekering.


Hoe eventuele pensioentekorten aan te vullen?
Ouderdomspensioen bouwt u op via uw werkgever(s). Als u op 65-jarige leeftijd een pensioentekort verwacht dan kunt u dit aanvullen met:
  • extra stortingen in uw pensioenfonds (informeer bij uw pensioenfonds)
  • lijfrenteverzekering afsluiten en jaarruimte en inhaalruimte maximaal benutten
  • deelnemen aan de levensloopregeling (vanaf 2006)
  • zelf sparen of beleggen